Afbeelding

Marinde: thuis

Column Column

Mij werd weleens verteld dat een reiziger overal, maar tegelijkertijd nergens, een thuis heeft. Dat een reiziger zoveel plekken zijn thuis kan noemen, dat geen één plek zijn thuis vormt. In de nauwe straten van oosterlijkere landen, daar waar vreemde klanken klinken en onbekende geuren hem nieuwsgierig maken, zal een deel van hem voor altijd ronddwalen. De rest van hem zal doortrekken, terugkeren, verdwalen en aankomen. Aankomen bij de hoge toppen van de nabij gelegen bergen. Waar de bosgeur hem ontvangt als een oude vriend en de vogels vertrouwde melodieën fluiten. Aankomen bij de weidse landschappen van de polder of bij de gure wind van het strand.

Altijd onderweg. Dat zou een reiziger zijn, altijd opzoek naar zijn thuis, werd mij verteld. Nu ik zelf een inkijkje krijg in de wereld van de reizigers, in de wereld van hen die rondtrekken, valt het mij op dat het tegendeel waar is. Fysiek is een reiziger altijd onderweg. Trekkend van plek naar plek. Maar zijn thuis draagt hij mee. Stap voor stap.

Altijd thuis. Want op elke plek laat hij iets van zichzelf achter. Elke plek geeft hem de vreugde, het vertrouwen en de rust van een thuis. Door rond te trekken, door terug te keren en af en toe eens even stil te staan, verandert de wereld om hem heen in zijn thuis.

Op allerlei plekken zijn puzzelstukjes te vinden die mij gezamenlijk vormen. Puzzelstukjes die mijn thuis vormen. Persoonlijk denk ik dat het thuis van een reiziger op deze manier verdeeld is over de wereld. Verstopt in de drukke straten van de stad, waar voetgangers elkaar haastig inhalen. Of verborgen tussen de lange grassen van het weiland. Een stukje hier. Een stukje daar. En elk stukje is uniek, elk stukje is anders. Maar gezamenlijk vormen ze de puzzel die ons thuis heet.

Advertenties uit de krant